Paul van der Kwast in Duitsland

      Geen reacties op Paul van der Kwast in Duitsland

We kennen allemaal de fiscale vluchtelingen naar België, de boeren die naar Canada gaan en de 60-plussers die emigreren naar Frankrijk. Maar de meeste emigranten gaan in die Heimat.

Door Paul van der Kwast:

Nederlandse pendelaars
‘Kijk, links van ons komen Nederlanders te wonen, en rechts wonen al Nederlanders’, zegt uitgever en cursusleider Maarten Schuttel (38). We staan op een dakterras van zijn gloednieuwe huis en kijken uit over weiland, terwijl in de verte het Reichswald opdoemt. In de ruim opgezette tuin klatert water uit een bamboebuis, verder hoor je slechts vogels, kinderstemmen en sporadisch een stapvoets rijdende auto.

 

Schuttel is begin dit jaar met zijn gezin verhuisd van Amsterdam-Zuid naar Donsbrüggen, een dorpje onder de rook van Kleef. Hij is niet bepaald de enige Nederlandse staatsburger die in deze contreien is neergestreken. Op vrijdagmiddag, een uur of vijf, aan het eind van de werkweek, verschijnt de ene na de andere auto met Nederlands kenteken op het lichtglooiende, secundaire weggetje tussen Nijmegen en Kleef. Nederlandse pendelaars die van hun werk terugkeren naar hun huis in Duitsland. Dat zijn er nog veel meer dan het lijkt, want de meeste Nederduitsers rijden in een auto met een Duits nummerbord. Dat is doorgaans het goedkoopst.

Sinds een jaar of twee vindt er rondom Kleef een heuse invasie van Nederlanders plaats. Net als rond Emmerik, of, wat noordelijker, Nordhorn en Bad Bentheim en andere plaatsen vlak over de grens. In sommige gemeentes komen drie van de vier onlangs verkochte huizen in Nederlandse handen, en ook op het gebied van nieuwbouw zijn de Nederlanders de laatste jaren hyperactief geworden in Duitsland. Terwijl de Nederlandse kantoorforensen aan het eind van de middag naar Duitsland rijden, keren Nederlandse klusbusjes juist terug vanuit Duitsland. Veel Nederlanders laten hun Duitse huis in Nederlandse stijl bouwen, en ach, het praat ook wel zo makkelijk met bouwvakkers uit Enschede, Oldenzaal of Doetinchem.

Ruim en betaalbaar
Vorig jaar waren er voor het eerst in lange tijd meer mensen die Nederland verlieten dan er binnenkwamen: tegenover 23 duizend immigranten stonden 24 duizend emigranten, zo maakte het CBS begin deze maand bekend. Bij emigratie denken veel mensen aan miljonairs in België of vutters die in Frankrijk gaan wonen, maar veruit de snelste groeier onder de emigratielanden is Duitsland, waar zich vorig jaar bijna zevenduizend Nederlanders vestigden. Voornamelijk gezinnen uit de middenklasse.

In Duitsland wonen volgens het ministerie van Buitenlandse Zaken inmiddels 115 duizend Nederlanders. En dat aantal zal de komende jaren snel toenemen, zo verwachten makelaars. Een aantal van hen richt zich al specifiek op deze doelgroep, zoals Euregiomakelaars. In de vorig jaar verschenen studie Wonen over de grens, dat het Enschedese bureau I&O Research schreef in opdracht van onder meer enkele Nederlandse grensgemeentes, staat de verwachting uitgesproken dat alleen al het aantal Nederlanders aan de Duitse kant van het Gelderse en Overijsselse grensgebied de komende vijf jaar bijna zal verdubbelen tot zeker 40 duizend. Als de trend van Nederlanders om naar Duitsland te verhuizen zich voortzet, wonen er in 2007 in heel Duitsland zo’n 150 duizend Nederlanders, anderhalf keer zo veel als twee jaar geleden en net zo veel als in een stad als Enschede of Nijmegen. Wat bezielt al die Nederlanders om hun land te verlaten?

‘Ons vorige huis was net zo groot als deze garage’, zegt Chris Daniels. ‘Nu heb ik deze ruimte helemaal tot mijn beschikking om te sporten.’ Daniels, tot voor kort woonachtig in de buurt van Nijmegen, woont sinds een half jaar met Wendy Prime in Emmerik in een vrijstaande villa met tuin rondom. De bedrijfseconoom en de psychologe kwamen nog maar een jaar geleden op het idee om te emigreren. In Duitsland konden zij een veel groter huis kopen dan in Nederland. Handig, gezien de aanstaande gezinsuitbreiding. Daniels: ‘Ik las in augustus vorig jaar toevallig dat er in de buurt van Kleef een huis met 700 vierkante meter grond te koop stond voor 150 duizend euro. We waren al op zoek in Nederland, maar toen ik dat bedrag las, ben ik meteen gaan kijken in Duitsland. Dat huis bij Kleef was niets, maar in september viel ons oog op het huis waar we nu wonen. We hebben er 190 duizend euro voor betaald. In Nederland betaal je voor iets vergelijkbaars al gauw drieëneenhalve ton. Dat hadden wij nooit kunnen betalen.’

Cultuur, historie en gedeelde interesses
Volgens een aantal in beide landen actieve makelaars liggen de huizenprijzen in het Duitse grensgebied een kwart tot veertig procent lager dan een paar kilometer verder aan de Nederlandse kant. Er waren altijd prijsverschillen tussen koopwoningen in het Oosten van het dichtbevolkte Nederland en in het Duitse grensgebied, maar in de loop van de jaren negentig, toen Nederland te maken kreeg met een heuse huizen-boom, namen die verschillen snel toe.

‘Wij waren op zoek naar ruimte. Die heb je hier in overvloed’, zegt Schuttel. ‘We hadden ook naar Drenthe of andere dunbevolkte delen van Nederland kunnen gaan, maar daar heerst toch een wat andere cultuur. Hoe moet ik het zeggen: het mooie van deze streek is dat hier veel mensen wonen die mijn vrienden kunnen worden, mensen die eenzelfde soort achtergrond hebben als wij. Hier zijn ook verschillende interessante steden in de buurt met veel cultuur en historie, zoals Nijmegen en Kleef. Bovendien: Duitsers vinden Nederlanders geweldig. Ze vinden ons aardig en ze vinden Nederlands zo’n grappig taaltje.’

In Bad Bentheim adverteren Nederlandse projectontwikkelaars in het Nederlands, en hier en daar staan bordjes ‘Te koop’, zonder Duits equivalent. Een typische nieuwbouwwijk, waarbij vergeleken met Nederland wel de diversiteit en variatie opvalt. Hier bepaalt niet de projectontwikkelaar, maar de klant hoe zijn of haar droomhuis er uitziet. Midden in de wijk staat een protserige replica van een oer-Hollands landhuis, inclusief luiken, en op de voordeur van de meeste huizen staan namen als Bruijns, De Voogd en Groothuis. Nu hebben ook veel Duitsers in de grensstreek Nederlandse namen, en omgekeerd, maar in deze nieuwbouwwijk gaat het onmiskenbaar om Nederlanders die veel huis voor weinig geld hebben gekocht. Zoals de uit Almelo afkomstige Marlies Tabbaa, die met haar gezin in een groot vrijstaand huis woont.

‘Huizen zijn hier veel beter te betalen dan in Nederland. Wij hebben hier twee ton voor betaald. Dat lukt in Nederland nooit. Bovendien heb je hier meer ruimte. Als het mooi weer is, zijn de bossen niet meteen vol met wandelaars.’

Duits verwijt: Nederlandse kliekjes
Tabbaa is op zich tevreden met haar nieuwe huis, maar is blij dat ze naast Nederlanders woont. ‘Die Duitsers mijden het contact een beetje.’ Daarmee raakt zij aan een gevoelig punt: een toenemend aantal Duitsers verwijt de Nederlanders kliekvorming en weinig moeite doen om te integreren. Uit het onderzoek van I&O Research blijkt dat de meeste Nederduitsers bij hun Nederlandse tandarts blijven, en dat de helft van hun kinderen in Nederland op school gaan. De emigranten kunnen zelfs hun Nederlandse krant blijven lezen: De Twentsche Courant Tubantia wordt sinds vorig jaar ook aan de Duitse kant van de grens bezorgd.

Zeker, de meeste Nederlanders en Duitsers hebben uitstekende contacten. Chris Daniels en Wendy Prime gaan geregeld met Duitse buurtgenoten eten of drinken, en de kinderen van de Duitse buren mogen in hun pierebadje spelen. De kinderen Schuttel gaan naar een Duitse school, en de familie doet zo veel mogelijk mee aan buurtactiviteiten. Maar doordat de Duitse bevolkingaanwas in de grensstreek stagneert, en veel Nederlanders bij elkaar in de buurt huizen laten bouwen, ontstaan hier en daar al heuse Nederlandse enclaves, zeker in nieuwbouwgebieden, en met vooral landgenoten om je heen is de verleiding groot te doen alsof je in Nederland woont. Sommigen nemen niet eens de moeite om winkel- of pompbediendes in het Duits aan te spreken, ook al spreekt een aantal van hen min of meer Nederlands.

Is dat nog te overkomen – de Nederlanders zijn immers welkome klanten in deze vergrijzende grensstreek – wat werkelijk steekt, is dat de Nederlandse bewoners zich veel duurdere huizen kunnen veroorloven. Niet omdat zij meer verdienen, maar omdat Nederlanders die hun inkomen in Nederland verdienen sinds de belastinghervorming van 2001 ook de hypotheekrente van hun buitenlandse huis bij de Nederlandse fiscus kunnen aftrekken. De Duitse belastingdienst is veel minder royaal tegenover haar staatsburgers. Met andere woorden, de Nederduitsers betalen enerzijds de lage Duitse huizenprijzen – waarvan het relatief lage peil deels wordt veroorzaakt door de beperkte renteaftrek in Duitsland – maar profiteren wel van de Nederlandse belastingvoordelen.

Als klap op de vuurpijl hebben Nederlanders recht op een Duits douceurtje voor huizenkopers, de Eigenheimzulage, een soort kooppremie. Voor een gezin met twee kinderen kan zo’n premie oplopen tot vierduizend euro per jaar gedurende acht jaar, ofwel 32 duizend euro.

Daniels en Prime voelen zich erg op hun gemak in hun nieuwe huis. Ook al omdat zij in een paar minuten in Nederland zijn. Zullen zij zich ooit laten naturaliseren tot Duitsers? ‘Ik heb niet de ambitie Duitser te worden’, zegt Chris Daniels. ‘In de eerste plaats omdat wij nu beiden in Nederland werken en de hypotheekrente daar maximaal kunnen aftrekken. Maar bovendien voel ik mij Nederlander en dat zal voorlopig, als het niet voor altijd is, wel zo blijven.’

Overgenomen uit Intermediair, 21 augustus 2003





Geef een antwoord